FNDR stel je vraag

veldnotitie

Hoe bewaak je privacy met AI in je bedrijf

5 min leestijd Thomas Huijsmans

Een collega plakt een e-mail van een klant in een AI-chatbot om hem sneller te beantwoorden. Er staat een naam in, en in een ouder dossier soms een BSN. Niemand denkt daar apart over na, want het voelt als een gewone werktool, net als een spreadsheet. Precies daar zit het risico. De Autoriteit Persoonsgegevens waarschuwt al langer voor datalekken die zo ontstaan, via gratis chatbots waarvan niemand precies weet wat er met de invoer gebeurt.

In een klein bedrijf gebruik je AI al, zelf of via een collega. De vraag die overblijft is wat je erin zet, en welk account daarbij het verschil maakt. Bij een groter bedrijf regelt een privacyfunctionaris dit soort keuzes. Bij een eenmanszaak of een team van vijf ben jij die persoon, naast alles wat je al doet.

Het risico zit in de gratis chatbotversie

Een gratis account van een AI-chatbot gebruikt wat je typt vaak om het model verder te trainen, tenzij je dat zelf uitzet in de instellingen. Bij een betaald zakelijk account ligt dat meestal anders: die valt onder een verwerkersovereenkomst en traint standaard niet op jouw invoer. Controleer dat per leverancier, want de voorwaarden verschillen en veranderen. Vraag naar de verwerkersovereenkomst voor je een tool aanschaft, net zoals je dat bij een boekhoudpakket zou doen.

Bij FNDR werkt dat zo: klantwerk gaat via een zakelijk account met die overeenkomst op papier. Een proefversie voor iets nieuws draait eerst met verzonnen namen en ronde bedragen, tot we zeker weten dat de instellingen kloppen.

Er zit ook verschil tussen een los gesprek in een chatvenster en een agent die structureel met je klantdata werkt, bijvoorbeeld eentje die facturen leest of afspraken samenvat. Die agent heeft doorlopend toegang nodig tot dezelfde gegevens, dus daar is de vraag naar het zakelijke account en de verwerkersovereenkomst geen kleine bijzaak. Regel dat voordat de agent voor het eerst draait.

Wat je nooit in een prompt zet

Een BSN, een kopie van een identiteitsbewijs, gezondheidsgegevens, een wachtwoord, een compleet klantdossier met naam en adres: dat hoort thuis buiten elk promptveld, ook in een gratis proefversie waarin je alleen even wilt testen wat een tool kan. Typ je het toch in, dan staat het ergens op een server waarvan je de bewaartermijn en de toegang niet kent.

De vuistregel is simpel te onthouden: zou je het ook aan een willekeurige leverancier per e-mail sturen zonder erbij na te denken? Zo niet, dan gaat het ook niet in een chatvenster. Deze vuistregel werkt beter dan een lange lijst, want met een lijst mis je altijd net het geval dat er niet op stond.

Dit geldt evengoed voor een foto of een scan: een screenshot van een dashboard met klantnamen is dezelfde soort gegevens, alleen in een ander bestandsformaat. Hetzelfde bij een export van je hele klantenbestand om "even te laten opschonen". De meeste chatbots lezen tegenwoordig ook afbeeldingen en documenten, en de regel verandert daar niet door.

Wat wel werkt, zonder risico

Een sjabloon vragen, een eerste versie van een tekst, het samenvatten van een openbaar document, een voorbeeldmail zonder echte naam: dat kan in vrijwel elke chatbot, ook de gratis versie. Vervang bij twijfel de echte naam door "de klant" en het echte bedrag door een rond getal. Je leert de uitkomst zo net zo goed beoordelen, zonder dat er iets gevoeligs de deur uitgaat.

Werk je met terugkerende klantstukken, zoals een offerte of een voortgangsmail, bouw dan een vast sjabloon met lege velden voor naam en bedrag. Je vult die twee velden zelf in nadat de AI de rest heeft opgesteld. Zo blijft het gevoelige deel altijd in jouw handen, en het saaie deel gaat sneller.

Dat gesprek over wat wel en niet in een prompt hoort voor jouw eigen manier van werken, voeren we in coaching: daar nemen we je eigen werkwijzen, met je eigen klantdata, onder ogen.

Een tool lost dit niet voor je op

Een tool regelt de techniek, meer niet. Het label "AVG-conform" op een website zegt niets over jouw specifieke situatie: voor de vraag wat in jouw geval precies persoonsgegevens zijn, blijft het gesprek met je eigen boekhouder of een privacyjurist nodig, en je privacyverklaring schrijf je zelf, zodra je klantgegevens verwerkt. De verantwoordelijkheid voor wat je erin zet, blijft bij jou, elke keer opnieuw.

Hetzelfde geldt voor je team. Een instelling in een account voorkomt niet dat iemand toch snel iets plakt omdat de deadline zwaarder weegt dan het protocol. Een korte, concrete afspraak werkt beter dan een beleidsdocument dat niemand terugleest: welke twee soorten gegevens gaan hier nooit in, en waar meld je het als het toch gebeurd is.

Waar de servers van een leverancier staan, telt hierbij ook mee. Draait een tool op servers buiten de EU, dan kan er een extra toets nodig zijn voor je persoonsgegevens daarheen mag sturen. Dat hoef je niet zelf helemaal uit te zoeken: de verwerkersovereenkomst van een serieuze leverancier benoemt dit, en anders vraag je er gewoon naar voor je tekent.

Zet de eerste stap

Kijk deze week naar wat er in de chatgeschiedenis van je team staat, of in je eigen chatvenster. Zoek naar een naam of een bedrag dat er niet in hoefde te staan. Vind je die, dan is dat je eerste concrete verbeterpunt: een gewoonte die morgen al anders is.

Loop daarna de accounts na die je team gebruikt. Staat er nog een gratis versie tussen waar klantwerk doorheen gaat, dan is die de eerste die je vervangt door een zakelijk account met een verwerkersovereenkomst. Klein werk, met een duidelijke opbrengst.

Loop je hier zelf tegenaan? Deel waar je op vastloopt, dan kijken we samen wat eraan te doen is. Vragen mag altijd.

Stel je vraag

Alle veldnotities

Bellen WhatsApp